Blog/Engels sollicitatiegesprek: 10 vragen en antwoorden
Engels sollicitatiegesprek: 10 vragen en antwoorden

Auteur: Vocab Team

Laatst bijgewerkt:

Engels sollicitatiegesprek: 10 vragen en antwoorden

Begin met echte Engelse woordenschat met Vocab

Gratis te downloaden. Leer sneller met spaced repetition, themalijsten en uitspraak van moedertaalsprekers - en houd vast wat je leert.

In een Engels sollicitatiegesprek wil je duidelijk vertellen wat je kunt en waarom de functie bij je past. Hieronder vind je tien veelgestelde vragen met voorbeeldantwoorden, handige zinnen voor als je een vraag niet begrijpt en een korte oefening. Gebruik de antwoorden als uitgangspunt en vervang de voorbeelden door je eigen ervaringen.

Bereid je inhoud én je Engels voor

Lees de vacature en kies twee of drie vaardigheden die voor de functie belangrijk zijn. Bedenk bij elke vaardigheid een concrete situatie waarin je die hebt gebruikt. Bekijk ook de website van de organisatie, zodat je kunt uitleggen waarom juist deze functie je aanspreekt.
Oefen je antwoorden hardop, maar leer ze niet woord voor woord uit je hoofd. Met korte zinnen kun je makkelijker reageren op een onverwachte vervolgvraag. Heb je nog weinig werkervaring? Gebruik dan een voorbeeld uit een opleiding, vrijwilligerswerk of een project.

Tien vragen met voorbeeldantwoorden

1. Vertel iets over jezelf

“Tell me about yourself.” De interviewer vraagt om een korte, relevante introductie, niet om je hele levensverhaal.
Voorbeeldantwoord: “I'm a customer service assistant with three years of experience. I enjoy helping customers and solving problems, and I'm looking for a role where I can develop those skills further.”
Je vertelt hiermee wat je huidige werk is, hoeveel ervaring je hebt en wat je zoekt in een volgende functie. Pas de functie en ervaring aan je eigen situatie aan.

2. Waarom wil je hier werken?

“Why do you want to work here?” Dit is je kans om je motivatie te koppelen aan de organisatie en de functie.
Voorbeeldantwoord: “I'm interested in this role because it combines customer contact with problem-solving. I also like your focus on training new team members.”
Je zegt dat de combinatie van klantcontact en problemen oplossen je aanspreekt en noemt de aandacht voor opleiding. Noem dat laatste alleen als je hebt gezien dat het bij deze werkgever past.

3. Wat zijn je sterke punten?

“What are your strengths?” Kies een sterk punt dat relevant is voor het werk en licht het kort toe.
Voorbeeldantwoord: “One of my strengths is staying organized. In my current role, I keep track of deadlines and make sure my colleagues know when tasks are due.”
Hier noem je organisatievermogen en leg je uit hoe dat zichtbaar is in je huidige werk. Een concreet voorbeeld maakt je antwoord duidelijker dan een lange lijst eigenschappen.

4. Wat is een ontwikkelpunt?

“What is one of your weaknesses?” Noem een echt ontwikkelpunt en vertel wat je doet om eraan te werken.
Voorbeeldantwoord: “I used to find it difficult to speak in front of large groups. I've been practising by giving short presentations to my team, and I'm becoming more confident.”
Je legt uit dat spreken voor grote groepen lastig was en dat je oefent met korte presentaties. Kies een voorbeeld dat eerlijk is voor jou; je hoeft dit antwoord niet over te nemen.

5. Hoe heb je een probleem opgelost?

“Tell me about a time you solved a problem.” De interviewer wil een concrete situatie horen en weten wat jouw bijdrage was.
Voorbeeldantwoord: “A delivery was delayed, and a customer needed an update. I contacted the supplier, checked the new delivery date and called the customer. The customer knew what to expect and agreed to the new date.”
De bestelling was vertraagd, jij zocht informatie op en hield de klant op de hoogte. Het resultaat was dat de klant wist waar die aan toe was en akkoord ging met de nieuwe datum.
Voor dit soort vragen helpt de STAR-methode: beschrijf de situatie, je taak, je actie en het resultaat. Houd de achtergrond kort en besteed vooral aandacht aan wat jij deed. Ook een ervaring waarbij het resultaat niet perfect was, kan bruikbaar zijn als je eerlijk vertelt wat je ervan leerde.

6. Hoe ga je om met druk?

“How do you handle pressure?” Vertel welke aanpak je gebruikt wanneer er veel tegelijk moet gebeuren.
Voorbeeldantwoord: “When several tasks are urgent, I decide which one needs attention first. If I can't meet a deadline, I let my manager know and discuss the options.”
Je vertelt dat je prioriteiten stelt en een mogelijk probleem met een deadline op tijd bespreekt. Voeg eventueel een eigen voorbeeld toe waarin je dat hebt gedaan.

7. Wat motiveert je?

“What motivates you at work?” Leg uit wat je energie geeft en verbind dat zo mogelijk aan de functie.
Voorbeeldantwoord: “I'm motivated by learning new skills and seeing how my work helps other people. For example, I enjoy finding a solution that makes a customer's day easier.”
Dit antwoord noemt leren en anderen helpen als motivatie. Het klantvoorbeeld past bij een functie met klantcontact; kies voor een andere functie een toepasselijk voorbeeld.

8. Waarom zouden we jou aannemen?

“Why should we hire you?” Vat samen wat jij voor de functie meebrengt, zonder te beweren dat je de andere kandidaten kent.
Voorbeeldantwoord: “I have experience coordinating schedules and communicating with different teams. I think those skills would help me support your projects and keep people informed.”
Je koppelt ervaring met plannen en communiceren aan de ondersteuning van projecten. Gebruik vaardigheden die daadwerkelijk in je ervaring en de vacature terugkomen.

9. Wat zijn je salarisverwachtingen?

“What are your salary expectations?” Bereid een bedrag of bandbreedte voor die past bij de functie en jouw ervaring. Maak duidelijk of je een bruto maand- of jaarsalaris bedoelt en in welke valuta.
Voorbeeldantwoord: “Based on the responsibilities of the role and my experience, I'm looking for a gross annual salary between 40,000 and 45,000 euros. I'd also like to discuss the benefits and the rest of the package.”
In dit fictieve voorbeeld noem je een bruto jaarsalaris in euro's en geef je aan dat je ook de arbeidsvoorwaarden wilt bespreken. De bedragen zijn alleen voorbeelden, geen salarisadvies. Je kunt ook eerst vragen: “What salary range have you budgeted for this role?” Daarmee vraag je welke bandbreedte de werkgever voor de functie heeft begroot.

10. Heb je vragen voor ons?

“Do you have any questions for us?” Bereid enkele vragen voor. Als een onderwerp al besproken is, kun je een andere vraag kiezen of erop doorvragen.
Voorbeeldantwoord: “Yes, I'd like to know more about the team. What would be the main priorities for the person in this role during the first few months?”
Je geeft aan dat je meer over het team wilt weten en vraagt naar de belangrijkste prioriteiten in de eerste maanden. Een andere mogelijkheid is “How does the team usually give feedback?” Daarmee vraag je hoe het team doorgaans feedback geeft.

Als je een vraag niet begrijpt

Je hoeft niet te doen alsof je alles hebt verstaan. Vraag rustig om herhaling of verduidelijking:
  • “Could you repeat the question, please?” Gebruik dit als je de vraag niet goed hebt gehoord.
  • “Could you rephrase that, please?” Hiermee vraag je of de interviewer de vraag anders kan formuleren.
  • “Do you mean my experience in my current role?” Hiermee controleer je of de interviewer je ervaring in je huidige functie bedoelt.
  • “That's a good question. Let me think for a moment.” Zo vraag je op een natuurlijke manier even bedenktijd.
Als je je vergist, kun je jezelf verbeteren: “Sorry, let me say that again.” Daarna formuleer je je antwoord opnieuw.

Let op deze taalkeuzes

Gebruik voor een afgeronde ervaring in het verleden bijvoorbeeld “I worked in a shop for two years.” Daarmee zeg je dat je twee jaar in een winkel hebt gewerkt, maar niet noodzakelijk dat je er nog werkt. Werk je er nog, dan kun je zeggen: “I have worked in this shop for two years.”
Let ook op het verschil tussen “I'm responsible for the schedule” en “I report to the manager.” In de eerste zin ben je verantwoordelijk voor de planning; in de tweede zeg je aan wie je rapporteert. Kies de zin die bij je eigen rol past.
Controleer ten slotte of je antwoord aansluit op de vraag. Bij een vraag over een specifieke ervaring is “I helped a customer find a solution” bijvoorbeeld duidelijker dan alleen zeggen dat je graag klanten helpt.

Oefening: formuleer je antwoord

Schrijf bij elke situatie één of twee Engelse zinnen. Vergelijk ze daarna met de voorbeeldantwoorden. Andere passende formuleringen zijn ook mogelijk.
  1. Je hebt de vraag niet gehoord. Vraag beleefd om herhaling.
  2. Je sterke punt is plannen. Vertel ook hoe je dat in je werk gebruikt.
  3. Je wilt weten wat de belangrijkste taak is in de eerste maanden. Stel die vraag aan de interviewer.
  4. Je werkt nog steeds bij een bedrijf waar je drie jaar geleden bent begonnen. Vertel hoelang je er werkt.

Voorbeeldantwoorden

  1. “Could you repeat the question, please?” Je vraagt beleefd om de vraag te herhalen.
  2. “One of my strengths is planning. I use it to keep track of deadlines and organize my tasks.” Je noemt plannen als sterk punt en legt uit dat je ermee deadlines en taken bijhoudt.
  3. “What would be the main priority for the person in this role during the first few months?” Je vraagt naar de belangrijkste prioriteit in de eerste maanden.
  4. “I have worked at this company for three years.” Je gebruikt deze zin als je er nog steeds werkt.
Oefen je eigen antwoorden nog eens hardop en kies woorden die je zelf prettig vindt. Zo kun je tijdens het gesprek je aandacht richten op de vraag en op wat je werkelijk wilt vertellen.